IVBN: nieuwbouw betrekken bij aanpak leegstand

24-01-2011 | De IVBN vindt dat de gemeente Amsterdam terecht de ommezwaai maakt om nu de wet Leegstand en kraken wél te omarmen en samen met eigenaren wil gaan werken aan een oplossing.

De IVBN wijst er echter op dat Amsterdam niet alleen eigenaren van het leegstaande vastgoed moet gaan aanspreken om het leegstandsprobleem op te lossen.

Frank van Blokland, directeur van IVBN: ‘Alle betrokken partijen zullen hierbij een rol moeten spelen en bovendien hun verantwoordelijkheid moeten nemen.’ IVBN wijst daarmee vooral op de rol van de gemeente zelf, die samen met ontwikkelaars, de afgelopen jaren grote belangen had bij gronduitgifte voor nieuwe kantoren en dus medeverantwoordelijk is voor een enorme hoeveelheid nieuwbouw die in de stad is gerealiseerd. Ook voor gemeentelijke diensten werd voor nieuwbouw gekozen, ondanks de toen al grote leegstand in de stad.

Volgens IVBN moeten alle partijen in de vastgoedketen worden aangesproken, dus naast de gemeente, ontwikkelaars, bouwers, makelaars, beleggers (die de nieuwbouw maar bleven afnemen) en niet te vergeten de gebruikers. In de visie van de IVBN heeft iedereen meegewerkt aan het ontstaan van het enorme overaanbod aan kantoren. Het aanpakken van het overaanbod moet daarom een gezamenlijke verantwoordelijkheid zijn, met de gemeente als trekker en coördinator. Om in de toekomst overproductie te voorkomen moet er volgens de IVBN op regionaal niveau veel meer sturing en regie komen voor een duurzaam kantorenbeleid op lokaal niveau.

IVBN is verder kritisch over de mogelijkheid dat de gemeente zelf gebruikers zal gaan voordragen. Reguliere huurders voor die leegstaande kantoorruimte zijn er tenslotte simpelweg niet. Alternatieve gebruikers voor die enorme hoeveelheid leegstaande vierkante meters ook niet. Verder heeft IVBN zich bij de totstandkoming van de wet Leegstand en kraken altijd verzet tegen het principe dat de eigenaar van een leegstaand gebouw eenzijdig de kosten zou moeten dragen van het geschikt maken van zijn leegstaande gebouw voor dergelijke alternatieve gebruikers. De eigenaar zal steeds de beschikking moeten kunnen blijven houden over zijn eigendom als hij weer reguliere verhuur of mogelijkheden voor herontwikkeling ziet.