Renteverhoging ECB legt problemen eurozone bloot

06-04-2011 | De renteverhoging die de Europese Centrale Bank (ECB) naar alle waarschijnlijkheid morgen (7 april) doorvoert, laat duidelijk zien hoe groot de verschillen in Europa zijn.

Terwijl in Duitsland de vrees voor oververhitting de kop opsteekt, dreigt een hogere rente de groeikansen van probleemlanden nog verder te verkleinen. ‘Het is de vraag of je wel met één renteniveau kunt werken voor zulke verschillende landen’, stelde ING-econoom Martin van Vliet gisteren (5 april). ‘Het is straks vlees noch vis. Voor Duitsland is de rente te laag, voor Portugal te hoog.’

Om een diepe economische depressie te voorkomen, verlaagde de ECB de rente in de eurozone bijna twee jaar geleden tot 1 procent. Dit historisch lage niveau begint te knellen nu de economische groei in landen als Duitsland en Nederland toeneemt en de sterke stijging van de olieprijs de inflatie opjaagt. Economische probleemgevallen als Griekenland en Portugal kunnen echter moeilijk zonder de stimulansen van de centrale bank.

‘De ECB heeft maar één doelstelling: de inflatie beteugelen’, benadrukte van Vliet. ‘Daarbij moeten ze naar het gemiddelde in de eurozone kijken. Wordt dat te hoog, dan moet de rente omhoog. Maar in het achterhoofd wegen ze de belangen van de probleemlanden mee; ze zullen niet als een gek de rente naar 3 procent verhogen.’

De centrale bank streeft naar een inflatie van bijna 2 procent, maar zag de geldontwaarding in maart oplopen tot 2,6 procent. Om die trend te bestrijden, moet de rente op korte termijn omhoog. Lenen wordt dan duurder, waardoor de vraag naar goederen afneemt en de stijging van het prijspeil wordt afgeremd. Een renteverhoging kan ook helpen om de verwachtingen over de toekomstige inflatie te temperen zodat de looneisen bescheiden blijven, stelt hoogleraar economie Casper de Vries. ‘De ECB wil voorkomen dat de stijgende inflatie doorwerkt in de lonen.’